Vlaamse regering keurt vernieuwd decreet over werk- en zorgtrajecten goed

Vlaams minister van Welzijn Hilde Crevits en Vlaams minister van Werk Jo Brouns slaan de handen in elkaar om de werk- en zorgtrajecten sterker en toekomstbestendig te maken. Zo zullen mensen niet bij elke nieuwe stap in het traject hun hele verhaal opnieuw moeten vertellen, maar komt er een betere data-uitwisseling. 

De aanpassingen aan het decreet moeten er ook voor zorgen dat er  meer activeringstrajecten en trajecten arbeidsmatige activiteiten gerealiseerd kunnen worden. Werk- en zorgtrajecten zijn trajecten om mensen met cognitieve, medische, psychische, psychiatrische en/of sociale problematieken te helpen zodat ze vlotter kunnen participeren aan de arbeidsmarkt of in de samenleving. In totaal wordt 15 miljoen euro geïnvesteerd in de diverse trajecten. De aanpassingen komen er na een bevraging van het werkveld en een evaluatie van de trajecten.  

“Samen met collega Brouns willen we mensen kansen geven. Op de arbeidsmarkt en in de maatschappij. Werk binnen het regulier economisch circuit is niet voor iedereen haalbaar, maar veel mensen koesteren wel ambities en willen zich nuttig maken en voelen. Wij moeten hen die kansen geven en het signaal geven dat ze niet aan de kant worden geschoven. De werk-zorg trajecten zijn daarom heel belangrijk. We bieden mensen daarmee een passend aanbod op maat met een goede combinatie van werk en zorg. De vernieuwingen die we met dit decreet doorvoeren, verhoogt de kwaliteit van de trajecten en moet nog meer mensen meekrijgen in een positief verhaal op de arbeidsmarkt.” – Hilde Crevits

“Heel wat mensen willen een job op de arbeidsmarkt, maar slagen daar omwille van een zorgproblematiek of welzijnsprobleem heel moeilijk in. Een arbeidsovereenkomst ligt niet voor iedereen onmiddellijk in het bereik, maar met dit decreet willen we wel iedereen de kans geven op hun maat en ritme actief te zijn in sociale economie en stappen naar een job te zetten.  Met de werk- en zorgtrajecten  op maat van de deelnemer bieden we die mensen de nodige ondersteuning aan. Het aanbod zorgt ervoor dat ze gehoord en gezien worden, bij de hand worden genomen en hen structuur en sociale contacten wordt geboden met het oog op een sterkere participatie aan de samenleving en een eventuele uitstroom naar betaald werk. Samen met collega Hilde Crevits verbeteren we het decreet werk- en zorgtrajecten nu zodat we de verschillende trajecten nog kunnen versterken, ze nog beter kunnen laten inspelen op de behoeften van de deelnemers en zo ook de eventuele uitstroom naar werk kunnen verhogen. ” – Jo Brouns

Werk- en zorgtrajecten zijn er om mensen met cognitieve, medische, psychische, psychiatrische en/of sociale problematieken (CMPSS) te helpen zodat ze vlotter kunnen participeren aan de arbeidsmarkt en aan de samenleving. 

De trajecten bestaan in verschillende vormen: activeringstrajecten, arbeidsmatige activiteiten en onthaaltrajecten via het Geïntegreerd Breed Onthaal. Met het nieuwe decreet werk- en zorgtrajecten worden verschillende wijzigingen aangebracht, gericht op een verbetering van het aanbod van de diverse trajecten. Daarbij wordt er rekening gehouden met de evaluatie-onderzoeken van Viona en het Steunpunt Welzijn, Volksgezondheid en Gezin en wordt er ingespeeld op de verwachtingen vanuit de sector. Het gaat dan om zowel maatwerkbedrijven als zorg- en welzijnsinstellingen.  

De technische aanpassingen en verbeteringen zijn gericht op het toekomstbestendig maken van de activeringstrajecten onder andere door de administratieve lasten te verlagen. Zo komt er meer tijd vrij voor de praktijk en concrete begeleiding op maat van de deelnemers. De aanpassingen en verbeteringen hebben ook tot doel de uitwisseling en de verwerking van persoonsgegevens tijdens die trajecten tussen de verschillende werk- en zorgactoren vlotter te maken, rekening houdend met de privacywetgeving.  Op die manier moeten de deelnemers die ondersteuning krijgen, niet elke keer opnieuw hun hele verhaal vertellen wanneer ze in een nieuwe fase in hun werk- of zorgtraject belanden.

Activeringstrajecten: naar 1.300 trajecten in 2023

Activeringstrajecten zijn trajecten van minimaal 3 en maximaal 18 maanden waarbij werk- en welzijnsactoren samen werken aan het oplossen van problemen en het verlagen van drempels met de bedoeling om iemand nadien naar een betaalde job te leiden. Op jaarbasis zijn momenteel in 1.200 activeringstrajecten voorzien met de bedoeling om in 2023 naar 1.300 trajecten te groeien. Na onderzoek van HIVA KU Leuven worden de trajecten nu zo aangepast zodat de begeleidende werk- en zorgactoren zo gelijktijdig mogelijk aan de slag gaan, in samenspraak en met betrokkenheid van de deelnemer. Ook wordt er ingezet op een vereenvoudiging en meer duidelijke afbakening van de taken van de betrokken hulpverleners en werkplaatsen. 

Bij ongeveer de helft van de al uitgevoerde activeringstrajecten waarvoor al een eindadvies kon worden geformuleerd, wordt een advies ‘betaalde tewerkstelling’ gegeven (37% in het normaal economisch circuit, 10% in de sociale economie). De personen met een advies ‘betaalde arbeid’ worden door VDAB verder bemiddeld naar een job. Na 12 maanden is ongeveer 1 op 4 van de deelnemers betaal aan het werk.   Gezien de bijzonder complexe welzijnsproblematieken en de vaak heel grote afstand tot de arbeidsmarkt, geven deze cijfers een positief resultaat weer. 

Arbeidsmatige activiteiten (AMA)

Arbeidsmatige activiteiten bestaan uit vrijwillige, onbezoldigde taken in bijvoorbeeld de profit-, non-profit of publieke sector onder begeleiding van een erkende begeleider. 

Dat kan gaan van helpen met de administratie, toezicht of huishoudelijke klussen en varieert van enkele uren in de week of per dag tot verschillende werkdagen per week. De deelnemers binnen AMA ontvangen geen loon. Het doel van het aanbod is om de deelnemers een zinvolle dagactiviteit te bieden, te zorgen voor structuur en sociale contacten en de mogelijkheid tot zelfontplooiing. Op die manier ervaren ze stap voor stap de voordelen van werk. 

Uit onderzoek van het Steunpunt WVG blijkt dat AMA-medewerkers hun activiteiten als positief ervaren. Ze bieden hen naast een zinvolle dagbesteding ook de mogelijkheid om hun talenten te ontdekken en nieuwe vaardigheden op te doen. Met het nieuwe decreet versterken de Vlaamse ministers Hilde Crevits en Jo Brouns de wisselwerking tussen beide types AMA- activiteiten, met name de arbeidsmatige activiteiten erkend binnen welzijn en deze erkend binnen de sociale economie.  

Onthaaltrajecten 

Omdat activeringstrajecten of arbeidsmatige activiteiten niet altijd voor iedereen haalbaar zijn, zijn er ook de onthaaltrajecten. Mensen met een CMPPS-problematiek die omwille van die problematiek op korte en middellange termijn niet (meer) betaald aan de slag kunnen gaan, krijgen van VDAB een advies ‘welzijn’. De laagdrempelige onthaaltrajecten hebben als doel om deze mensen toe te leiden naar het Geïntegreerd Breed Onthaal (GBO). Dat is een lokaal samenwerkingsverband tussen het OCMW, het centrum voor algemeen welzijnswerk (CAW) en de diensten maatschappelijk werk van de ziekenfondsen (DMW), zoals verankerd in het decreet lokaal sociaal beleid. 

Binnen zo’n GBO worden mensen georiënteerd naar het gepaste hulpverleningsaanbod. Doel is om deze kwetsbare mensen te helpen zodat ze al hun rechten op vlak van bijvoorbeeld onderwijs of huisvesting voldoende kunnen opnemen, de mogelijke problemen op het vlak van welzijn aan te pakken en te zorgen voor een stabiele levenssituatie.