Waarom waakzaam zijn

Column Harold Polis

De nieuwe roman van Michel Houellebecq, de beroemdste levende Franse schrijver, gaat voor een groot deel over zorg en welzijn. Het boek heet Anéantir, wat ‘verwoesten’ betekent – de vertaling verschijnt dit najaar. De titel is goed gekozen, want in het verhaal beschrijft Houellebecq hoe zijn personages omgaan met een gebroken leven. 

De vader van het hoofdpersonage krijgt een herseninfarct en blijft verlamd achter. De kwaliteit van de zorginstelling waar hij terechtkomt, gaat na een directeurswissel fel achteruit. De familie schakelt een Belgische actiegroep in om hun vader te ontvoeren uit de instelling en naar huis te brengen, waar hij zich merkbaar gelukkiger voelt. Het verhaal is uiteraard verzonnen, maar dat maakt de manier waarop Houellebecq over de tederheid en de zorg voor een aftakelende vader schrijft niet minder pakkend.

Terwijl de hele familie zich op de verlamde vader richt, verliezen ze uit het oog dat zijn jongste zoon mentaal volledig door het ijs zakt. De man was altijd wankel en ongelukkig geweest, maar voelt zich zo intens omsingeld door onoplosbare problemen dat hij geen andere uitweg meer ziet dan suïcide. De boodschap die Houellebecq in zijn roman stopt, kan tellen: het kan fataal zijn om niet te praten, geen liefde te geven, geen aandacht te schenken aan wie het moeilijk heeft.

Die waakzaamheid lijkt een op het eerste gezicht verpletterende verantwoordelijkheid. Zijn we verantwoordelijk voor andermans daden of andermans geluk? Nee, maar we kunnen elkaar wel steun, zorg en aandacht geven. Dat is het minste dat je kan doen, dacht ik, toen ik een BBC-reportage las over suïcidepreventie in Oekraïne. Door de zwakke economische situatie is er geen budget voor preventie, terwijl de last van het aanslepende conflict met Rusland voor een suïcidegolf heeft gezorgd bij ex-militairen. Heel wat mensen, ook soldaten die er stoer en sterk uitzien, kunnen de stress van zo’n conflict niet aan. Lange tijd werd er koudweg gezwegen over de massale hoeveelheid psychische problemen, maar stilaan wordt het taboe doorbroken. Een goed uitgebouwde zelfmoordlijn, zoals bij ons het nummer 1813, is er nog niet. Maar in een ongesubsidieerd kantoor boven een autogarage in Kiev zit intussen wel een aantal idealisten en veteranen met wie je kan bellen als het echt niet meer gaat. Elk gesprek maakt een verschil.

Waakzaamheid voor wie het moeilijk heeft, wordt nooit overbodig, cringe of achterhaald. Zelfs in een regio als Vlaanderen, waar er welvaart is om maatschappelijke vooruitgang mogelijk te maken, sterven er nog te veel mensen aan suïcide. Bij jongeren vanaf 15 jaar is het de grootste doodsoorzaak. Terecht stelt Vlaams minister van Welzijn Wouter Beke een verdere daling van de suïcidecijfers als gezondheidsdoelstelling voorop: 10% minder op tien jaar tijd, tegen 2030. Het brede actieplan besteedt veel aandacht aan onderzoek en detectie, aan het waakzaam maken van hulpverleners. Aandachtig zijn is van levensbelang.

Harold Polis

Foto's
Bob Van Mol
Tags
158