'Wat vandaag waar is, is dat morgen misschien niet meer'

De essentie volgens Caroline Pauwels

We spreken Caroline Pauwels, rector van de VUB, kort voor de start van een nieuw academiejaar. “We moeten leren omgaan met onzekerheden”, zegt ze. “Die zijn altijd deel geweest van het leven, maar nu op grotere schaal. Door mijn ziekte leerde ik eerder al leven met onzekerheid. (Caroline volgt een kankerbehandeling, red.) Soms denken we: dit is te moeilijk, dit lukt nooit. En toch slagen we erin, omdat we samenwerken en ervoor gaan.”

Lessen uit corona

Wat hebben we geleerd uit de afgelopen maanden met corona? “We leken als mensheid van veel dingen zeker, maar plots wordt heel veel in vraag gesteld. Ik merk goed dat mensen in deze periode aanvoelen hoe belangrijk onze medemens is. We zijn toch écht sociale wezens. Alleen Facebook-contact is niet genoeg. Toch zijn er ook mensen die het net aangenaam vonden om niet meer mee te ‘moeten’ in het ‘overdreven’ sociale. Het is een moment om de ratrace in vraag te stellen en eens te bekijken of we een en ander niet anders kunnen organiseren. Zo is het goed dat heel wat werkgevers nu eindelijk ontdekken dat telewerk mogelijk is. En dat er veel ongelijkheid is in onze samenleving wisten we ook al, maar we zijn door corona toch nog eens flink met onze neus op de feiten gedrukt. Het is een periode van introspectie. Ook voor de universiteit. Als er zaken die niet goed gaan, moeten we medestanders vinden om iets te veranderen.” 


“Het is te vroeg om te zeggen of het echt een cesuur in de samenleving zal betekenen, of er echt een vóór en een ná zal ontstaan. Maar we hebben het academiejaar in elk geval al anders gestartl, in code geel. Het is de eerste generatie in lange tijd die een soort van vrijheidsberoving kent, in het Westen althans. Dat dwingt ons tot een zekere nederigheid. Maar kunnen we die nederige positie inzetten voor iets dat een algemeen belang dient? 
Hoe lang zullen de lessen die we uit corona leren standhouden? Wat als er een vaccin komt? Zal alles dan snel weer bij het oude zijn? “Ik verwacht een grote uitbundigheid, en mensen die weer volop zullen buitenkomen. Telewerken zal wel behouden blijven waar het mogelijk is, maar we gaan toch ook opnieuw op kantoor werken. We hebben mekaar immers nodig om passie over te brengen, zeker ook in een klas. Maar het is goed dat verschillende werkgevers nu hebben kunnen ervaren dat het ook in praktijk kan werken, telewerken.”

Verplaats je in het denken van de ander

“Cynisme en ironie kennen een opgang als humor. Zeker ook op het internet, in de vorm van memes. Dat tast serieuze zaken aan. Jongeren maken en plaatsen memes vaak erg snel, zonder veel na te denken over de context. Ik vind ironie prima, maar als we er niet meer bij nadenken, moeten we wel even stilstaan. Hoe zorgen we dat jongeren dat ook af en toe stilstaan en nadenken, zelfs over evidente dingen?” 
Caroline overweegt meer theater te brengen aan de VUB. Bijvoorbeeld door het theatergezelschap Tutti Fratelli van Reinhilde Decleir waar mensen die minder kansen kregen in het leven samen theater maken. “Volgens velen zijn die mensen niet in staat om theater te maken. Dat ze daar toch in slagen, is een belangrijke boodschap voor jongeren. Mensen zonder perspectief die toch in staat zijn om het beste van zichzelf te geven. Ik vind dat grandioos en studenten zouden dat moeten kunnen zien. Het helpt om je eigen denken onder de loep te nemen, je denken zich niet te laten onderwerpen. Daarbij moet je niet alleen naar anderen kijken, maar ook naar jezelf. Er zijn feiten, maar wetenschap is een voortschrijdend inzicht. Wat vandaag waar is, is dat morgen misschien niet meer. 
Soms dwingt Caroline zichzelf iets te lezen van iemand waar ze het echt niet mee eens is. “Dat is moeilijk! Ik heb dan bijna nood aan yoga tussendoor. (lacht) Maar het is belangrijk: je moet je kunnen verplaatsen in het denken van een ander. Dat wil niet zeggen dat je akkoord moet gaan, maar je kan proberen het te begrijpen. Wat niet betekent dat alles te verontschuldigen is.” 

Wetenschappers ten dienste van de maatschappij

Volgens Caroline staan wetenschap en verwondering mekaar niet in de weg. “Voor mij zijn die zeker verenigbaar. Wetenschappers weten niet altijd waartoe hun onderzoek zal leiden, en dat kan best tot verwondering leiden soms.” Voor haar zijn wetenschappers ook civil servants. “Je moet je inzetten voor de maatschappij, onder andere door samen te werken met het beleid en het bedrijfsleven. Het gaat niet enkel om je eigen curriculum, je dient iets hoger dan dat, ook door onderwijs te verstrekken.” Onderzoek dient dus de maatschappij, maar niet ten koste van alles. “Onderzoek vraagt twijfel en tijd, het is niet puur utilitair. Je kan het niet instrumenteel in een format gieten.”

Het glas is halfvol

Je hoort beleidsmakers niet zelden klagen over een gebrek aan geld voor wat ze willen uitvoeren. Op zo’n uitspraak zal je Caroline zelden kunnen betrappen. “Ik zal eerder proberen te kijken naar wat we wel kunnen doen met het geld dat beschikbaar is.” Het lijkt alsof het glas voor haar altijd wel halfvol is. “Meestal is dat wel zo”, zegt ze. “Ik zoek altijd naar wat we wél kunnen doen in plaats van te klagen over wat niet lukt. Sommigen vinden het soms hoog gegrepen. Maar dan denk ik: als we het niet proberen, weten we het niet. Soms krijg je een ja, soms een nee. Zo’n positieve ingesteldheid is niet iedereen gegeven, en het lukt mij ook niet altijd natuurlijk. Soms gebeurt het ook wel eens dat ik even een zwartkijker word, maar dat brengt zo’n moedeloosheid mee die je zeker niet verder brengt in het leven.” 

 

Foto's
Stephan Vanfleteren